Roermond
Hoewel de naam doet vermoeden dat zij naar de monding van de Roer verwijst, is dat niet zo. Het tweede woorddeel komt mogelijk van monte ("landschappelijke verhoging"). Daarmee wordt gedoeld op een verhoging waarop een burcht gevestigd kon worden, een zogenaamde motte. Roermond betekent dan eigenlijk "Roerburg". Anderen leiden het terug op het Keltisch-Germaanse monde, wat "brug" betekende. De rivier de Roer is genoemd naar Rura, een oude Keltisch-Germaanse godin die met water in verband werd gebracht. De naam Roermond zou dan "brug van Rura" kunnen betekenen. De betekenis "monding" moet echter worden uitgesloten. Aan de monding van de Roer lag de plaats oorspronkelijk niet. Pas in 14e eeuw (1338 tot 1342) werd de Maas kunstmatig ongeveer 7 km oostelijk naar de stad toe verlegd.
Middeleeuwen
Het nu Limburgse Roermond was aanvankelijk een Gelderse stad (een deel van het huidige Roermond-Zuid lag echter binnen het toenmalige hertogdom Gulick. Het later als Overkwartier van Gelre aangeduide gewest heeft aan de basis gelegen van het huidige Noord-Limburg, maar ook Roermond maakte er deel van uit. Graaf Gerard III stichtte er in 1224 een abdij. Aan deze Munsterabdij herinnert het voornaamste monument van de stad: de romaanse Munsterkerk. Roermond kreeg in 1231 stadsrechten van graaf Otto II. In 1441 werd de stad aan de Maas lid van de Hanze en in 1472 kreeg ze het muntrecht.
16e en 17e eeuw
De hoofdstad van het Gelderse Overkwartier kwam in 1543 met de rest van Gelre in handen van keizer Karel V. In 1559 werd de stad een bisschopszetel. In 1572 werd Roermond veroverd door Willem van Oranje, maar datzelfde jaar nog heroverd door Don Frederik (zie Bezetting van Roermond (1572)). Na de ondertekening van het Eeuwig Edict door Don Juan in 1577 trokken de Spaanse troepen zich terug. Vanaf 1579 kwam ze als deel van de Zuidelijke Nederlanden onder Spaans bestuur te staan (Spaans Gelre), met een onderbreking van 1632 tot 1637, waarin Roermond Staats was.
18e en 19e eeuw
Ook van 1702 tot 1716 hoorde Roermond tot de Republiek der Verenigde Nederlanden. De Spaanse successieoorlog, die in deze periode werd uitgevochten, leidde ertoe dat Roermond in 1716 deel ging uitmaken van Oostenrijks Gelre.
De Fransen verschenen in 1792 en opnieuw in 1794, waarna de stad tot 1814 Frans bleef. De laatste van de vele kloosters in de stad werden in deze periode opgeheven. Pas sinds 1814 is Roermond een Limburgse stad, inmiddels als deel van het Koninkrijk der Nederlanden. Van 1830 tot 1839 maakte Roermond nog een periode onder Belgisch gezag door.
20e eeuw
Tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog lag Roermond een tijd in de frontlijn. De bevolking werd geëvacueerd en de toren van de kathedraal werd door de Duitse bezetter opgeblazen.
Na de Tweede Wereldoorlog (die voor Roermond op 1 maart 1945 eindigde) werd de gemeente uitgebreid met het grondgebied van Maasniel en Herten. De opkomst van de textielindustrie (onder anderen Van de Kimmenade) maakte (tijdelijk) een einde aan de werkloosheid die hier na de Tweede Wereldoorlog heerste. De inmiddels tot een middelgrote stad uitgegroeide plaats kreeg in 1993 en 1995 te maken met overstromingen, waarbij delen van de bevolking werden geëvacueerd.
Na de Tweede Wereldoorlog had zo'n 90% van de bebouwing in Roermond schade opgelopen. Onder de algemene leus die in Nederland heerste, "Nederland zal herrijzen", begon de stad aan de herstelwerkzaamheden. Een belangrijke gebeurtenis was de gereedkoming van de tunnel onder het spoor in 1956, waarmee het centrum van de stad met de nieuwe, oostelijk gelegen wijken werd verbonden. Een van die wijken was het Roermondse Veld, en later ontstonden ook de Kemp (zuidoosten) en de villawijk Roer (zuidwesten). Deze grootschalige wijken zorgden voor een snelle bevolkingsgroei, maar hadden als keerzijde dat de aan woningbouw toegekende grond van de gemeente spoedig was volgebouwd. Met de annexatie van Maasniel in 1959 kreeg de stad nieuwe grond, die zich uitstrekte tot aan de grens met Duitsland; de nieuwe gemeentegrens werd tevens Rijksgrens. Dat de plattelandsgemeente Maasniel bij het stedelijke Roermond werd gevoegd vormde in 1959 de eerste grote herindeling in Nederlands Limburg. De kwestie Maasniel geeft een doorkijk op de ontwikkeling van stad-land relaties in Midden-Limburg
De groei zette zich voort in de aanleg van een tweetal grote industrieterreinen: in het noorden openenden koningin Beatrix (toen Prinses) en Prins Claus in 1967 de Willem-Alexanderhaven, genoemd naar hun zoon, omdat het de eerste officiële handeling was die ze na zijn geboorte verrichtten. In het zuidoosten werd het 450 ha grote industrieterrein Heide (nu beter bekend als Heide-Roerstreek) aangelegd, in samenwerking met vier andere Roerstreekgemeenten. Omdat de industriële ontwikkeling gelijk zou moeten lopen met de woningbouw, werd begonnen met de aanleg van de Donderberg. Deze wijk, die op grondgebied van de voormalige gemeente Maasniel werd gebouwd, bestond uit een vijftal grote flats, die samen met de omliggende laagbouw 13.000 bewoners huisvesten.
Met de fusie van Herten in 1991, kreeg Roermond nieuwe uitbreidingsmogelijkheden. Het van oorsprong kleine dorpje groeide in 15 jaar uit tot een volwaardige woonwijk en zal na de voltooiing van de wijk Oolderveste (900 woningen) in 2012 nagenoeg zijn volgebouwd. De Maasplassen leggen de stad beperkingen op wat betreft uitbreiding in het westen, en hoewel er plannen bestaan voor woonwijken op het water (Nautisch Kwartier, 600 woningen), richt de stad zich momenteel op het oostelijk gebied. In 2009 wordt begonnen met de bouw van Tegelarijeveld Oost (200 woningen), waarmee de eerste aanzet tot een dergelijke uitbreiding naar is begonnen. Op de planning staat verder een woonwijk in het Melickerveld, globaal gelegen tussen de N293, Heinsbergerweg en de wijken Kitskensdal en Kitskensberg, waar 800 woningen moeten verrijzen. Hierdoor ontstaat een aaneengesloten bebouwd gebied tussen Roermond en Melick. De stad aast verder al lange tijd op het Leropperveld, een grootschalig natuurgebied tussen Roermond en Lerop, waar ruimte is voor woningbouw. Weerstand van de gemeente Roerdalen en natuurbeschermingsgroepen en politieke belemmeringen zorgen ervoor dat een woningbouwplan (maximaal 3100 woningen) hier voorlopig van de baan is. Verder krijgt de wijk Asenray er 2 buurten bij. Een wijk met 251 woningen en een (vedische) wijk met 71 woningen
In de stad zelf bouwt Roermond op een aantal locaties de hoogte in: Ernst Casimirtoren (44 meter), Kazernevoorterrein (45 meter), Kantoortoren Stationspark (69 meter), woontoren Toerist (40 meter) en Natalinitoren (61 meter) zijn enkele hoogbouwprojecten die tot 2011 worden gerealiseerd. Er bestaan plannen om het stationsgebied opnieuw in te richten. Zo is er ook de toekomstige woon/cultuurwijk Roerdelta (1500 woningen), waarvoor al sinds de eeuwwisseling plannen bestaan. Ook wordt in 2010 gestart met de bouw van het nieuwe ziekenhuis